Een tiental jaar geleden was investeren in de biotechnologische sector nog riskant, maar momenteel kent het een groeiend succes: met meer dan 140 Belgische ondernemingen, of 16% van de volledige Europese sector, heeft de biotechnologie zowel lokale als internationale investeerders kunnen overtuigen. De groeitrend is duidelijk merkbaar de laatste jaren, maar heeft voordien verschillende obstakels moeten overwinnen. Geoffrey Holsbeek, stichter van AmplyCell, een Luikse startup die een innovatieve technologie ontwikkelde om aan Celfitness te doen, geeft zijn mening over de factoren van dit succes in België.

Anderen inspireren en concrete wetenschappelijke toepassingen

Wetenschappen worden vaak bekeken als gesloten disciplines. Maar dankzij persartikels en wetenschappers zelf, is de sector de laatste jaren aantrekkelijker geworden. “Als ik het heb over een verhoging van de stabiliteit en de productiviteit van hybridoma’s, spreekt dit veel minder aan dan wanneer ik het heb over “Celfitness”. Een woordenschat voor iedereen en toegankelijke communicatie kunnen mensen motiveren om een wetenschappelijke carrière te plannen”, verduidelijkt Geoffrey Holsbeek. Daarnaast hebben universiteiten een grote rol gespeeld in de uitwisseling, de overdracht en de toepassing van wetenschappelijke kennis. Dit heeft ongetwijfeld meerdere mensen geïnspireerd om in de wetenschappen te gaan, maar ook geleid tot een groeiende interesse in het ondernemerschap.

Wetenschapper en ondernemer

Werken in het wetenschappelijk onderzoek – en meer nog werken in een startup – staat garant voor innovatie. De eerste zijn in iets is zeker spannend, maar het betekent ook dat u moet kunnen omgaan met mislukkingen. Daarom is het van groot belang voor de wetenschapper om de reële vaardigheden van een ondernemer te ontwikkelen: hij moet zich toeleggen op communicatie en netwerken, en daarnaast andere “zachte” vaardigheden ontwikkelen. “Deze persoonlijke ontwikkelingen vragen veel tijd, avonden en weekends inbegrepen! U moet vindingrijk zijn, durven uw voet tussen de deur te steken, en beginnen te zoeken naar partners, wat niet altijd natuurlijk is voor de wetenschapper”, zegt Geoffrey Holsbeek.

Goede financiële partners vinden

Zoals in alle zakenmilieus, is de commercialisering van uw producten en het vinden van begeleiding en financiële steun de sleutel tot succes. Maar dit is van nog groter belang voor ondernemingen in de biotechnologie, want hun ontwikkeling vereist aanzienlijke financiële middelen. In België is de sector relatief goed ondersteund en kunt u zich als ondernemer wenden tot verschillende organisaties zoals Invest in Flanders, FlandersBio en het VIB (Vlaams Instituut voor Biotechnologie). Daarnaast voorziet Agentschap Ondernemen subsidies voor incubatoren. “Vergeleken met andere landen, is er in België voldoende steun aanwezig. Sommige projecten zijn zelfs tot 70% gesubsidieerd. Zonder deze steun zou er ook van AmplyCell geen sprake zijn”, verduidelijkt Geoffrey Holsbeek.

De wetenschapper-ondernemer kan ook steun krijgen bij andere organisaties:

  • In België bestaan er 12 verschillende wetenschapsparken, die specifiek gericht zijn op onderzoek en innovatie. De technologieparken van Leuven en Gent, beide spin-offs van hun respectieve universiteiten, zijn waarschijnlijk de bekendste. Maar ook in Antwerpen, Brussel, Hasselt en nog verschillende andere plaatsen zijn ze terug te vinden. Deze concentratie van wetenschappelijk potentieel verhoogt de competitiviteit van ons land. Daarnaast zijn ze een mooi uitstalraam voor onze innovatieve producten.

  • Grote bedrijven die al ingeburgerd zijn in het Belgische wetenschappelijke landschap hebben de neiging om jonge bedrijven te sponsoren of op het juiste moment op te kopen. Dit heeft als voordeel dat het minder risicovol is dan het verrichten van duur wetenschappelijk onderzoek waarvan de uitkomst onzeker is. Maar hiervoor is het noodzakelijk dat u als ondernemer werkt aan de zichtbaarheid van uw project.

  • Ten slotte ontstaan er veelbelovende symbioses dankzij de samenwerking tussen verschillende startups die actief zijn in aangrenzende sectoren. In dit model bestaat concurrentie niet, maar staat juist co-creatiestaat voorop. “De enige motor: samenwerken om samen te groeien, met als gevolg betere aanbiedingen, een betere zichtbaarheid van het platform, betere kwaliteit en verdere groeimogelijkheden”, verduidelijkt Geoffrey Holsbeek.

Volgens Geoffrey Holsbeek waren het overwinnen van de moeilijkheden van de sector, anderen inspireren en co-creatie tussen verschillende bedrijven de factoren die positief bijgedragen hebben aan de groei van de biotechnologie. Een gerenommeerde sector in België, die in Vlaanderen alleen al elk jaar goed is voor een omzet van 1,9 miljard euro.

Geoffrey Holsbeek

Geoffrey Holsbeek is ingenieur in de biochemie en medeoprichter van Amplycell. Deze eerste spin-off van de Waalse Hogescholen is actief in de innoverende technologie van de “Celfitness”.

Verzend