U kon al lezen dat zelfs het eerste idee de snelheid waarmee u een product met succes op de markt brengt, kan beïnvloeden. Hoe pakt u dat nu praktisch aan? Tim Rootsaert, Business Development Manager bij IMEC, zet ons op weg.

Alles wat u denkt te weten in vraag stellen

“De eerste stap is al uw veronderstellingen op te lijsten en in vraag te stellen”, zegt Tim Rootsaert. “Als u een digitale service moet ontwikkelen, gaan veel ondernemingen automatisch uit van een app, maar is dat ook de beste manier? Misschien bent u beter af met een wearable (een nieuwe generatie mobiele devices die op het lichaam gedragen worden) of met een andere digitale interface. Dit is het moment om dat te onderzoeken. Deel hiervoor de verschillende soorten gebruikers op in types”, aldus Rootsaert, “kijk hoe ze zich onderling verhouden, welke relatie ze met het product hebben en of ze de gedane onderzoek- en ontwikkelingsinspanningen bevestigen.” 

Wat wil de gebruiker?

“Heel vaak gaan bedrijven in hun innovatie uit van hun buikgevoel. Ze worden op hun markt aangevallen door prijsbrekers en proberen door innovatie hun positie veilig te stellen, maar dikwijls lukt dat niet omdat ze te weinig weten wat de consument eigenlijk wil. Dat leidt soms tot de gekste innovaties en hypes waar uiteindelijk niemand op zit te wachten. Denk maar aan de Segway die de mobiliteit in de stad moest verbeteren, maar nu als toeristische attractie wordt gepromoot, omdat de gebruiker deze niet zo handig vond voor stadsverplaatsingen. Het is belangrijk dat ondernemingen zich niet afvragen “wat kunnen we?”, maar wel “wat wil de gebruiker?” en dat is niet altijd evident.

Een van de manieren om daar achter te komen, is door te kijken hoe die gebruiker omspringt met een aantal mogelijke manieren om het product te gebruiken en zijn gedrag in kaart te brengen, door hem bijvoorbeeld loos te laten gaan met prototypes en niet-werkende voorbeelden. “Hieruit ontstaan vaak onverwachte en nieuwe gebruiksmodellen en wordt de eindgebruiker zo de stuwende kracht achter het businessmodel of de productontwikkeling. Bovendien kunt u er eenvoudig een waarde-oefening aan koppelen: waar willen mensen voor betalen? En hoeveel (extra)?"

Bewezen succesvolle methodologie

“Deze methodologie gaat iets sneller dan de oude aanpak”, zegt Rootsaert, maar is daarnaast vooral veel grondiger. “Nog voor het product op de markt is, heeft u al een degelijke eerste controle gedaan en kunt u heel efficiënt met uw investeringen omspringen”, zegt hij. “Een voorbeeld is NeoScores, een bedrijf dat via een digitale marktplaats partituren verkoopt. Zij klopten bij ons aan met een eerste versie van hun software die gigantisch veel toeters en bellen bevatte, maar uit ons Living Lab-onderzoek, bleek al vlug dat het niet werkte. Wat de gebruikers, muzikanten in dit geval, wilden, was een “iTunes voor partituren” en dat is het ook geworden. En daar is NeoScores succesvol mee geworden.”

Tim Rootsaert

Tim Rootsaert studeerde aan Sint-Lucas en was in 1999 medeoprichter van Scenter, een creatief digitaal collectief rond muziek, graphics en urban vibes. Nadien werkte hij onder meer bij de startup Tagger.fm en bij Urgent.fm, waar hij de crossmediale kruisbestuivingen opzette. In 2010 ging hij aan de slag bij De Mediatuin, een living lab initiatief van REC Radiocentrum om crossmediale formats te ontwikkelen. In 2012 verkaste hij naar iMinds om business opportuniteiten te ontwikkelen voor de living labs. Na de fusie met IMEC in 2016 werd Tim Business Development manager voor de Innovation Services.

Verzend