Uw zaak is uit haar kinderschoenen getreden en u bent klaar voor de volgende uitdaging: ondernemen buiten de landsgrenzen tot zelfs buiten de eurozone. In dat laatste geval moet u aandachtig zijn voor de wisselkoersen die flink kunnen schommelen en zo een invloed kunnen hebben op de winst of het verlies op bepaalde transacties. Professor Freddy Van den Spiegel geeft tips en tricks om u hierop voor te bereiden.

Wisselkoersen: een probleem?

Een bedrijf dat handelt met klanten in het buitenland wordt daar in regel niet meteen voor betaald. In de termijn tussen het leveren van de goederen of het uitvoeren van de werken en de betaling, kunnen de koersen van de lokale munten soms bokkensprongen maken. En dat brengt risico’s met zich mee. 

“Stel dat u als Belg producten verkoopt aan een Zwitserse klant”, geeft professor Van den Spiegel als voorbeeld. “De betaling daarvan, in Zwitserse frank, gebeurt pas na één of zelfs drie maand(en). Die franken wisselt u hier dan om in euro’s. Maar als de frank in die periode sterk daalt in waarde, kan het zijn dat u aan die transactie geen winst meer overhoudt.”

“Zonder met enkele bijzonder complexe financiële producten rekening te houden die vooral voor multinationals zijn weggelegd,  zijn er grosso modo drie manieren om dit op te lossen en de wisselkoersen af te dekken”, zegt professor Van den Spiegel.

Euro’s in de kassa

Een eerste, bijzonder eenvoudige manier, is door simpelweg met uw klant af te spreken dat hij in euro’s betaalt. “Zeker de wat grotere bedrijven, die zelf in heel veel landen actief zijn, zullen daar waarschijnlijk niet weigerachtig tegenover staan”, zegt Van den Spiegel. “Vaak beschikken zij zelf al over euro’s in hun “kassa” en willen ze die daar best aan uitgeven. Dat hoeft u zelfs geen korting te kosten.”

Termijnverrichting

Een tweede manier om het wisselkoersrisico te “hedgen” of af te dekken, is via een termijnverrichting die u afspreekt met uw bank. U stapt naar uw bankdirecteur en vraagt hem om u een vaste wisselkoers voor te stellen voor een transactie die pas over drie maanden betaald zal worden. Van den Spiegel: “Tegen een commissieloon zal de bank dat zeker willen doen. Die commissie zal zelfs vrij beperkt zijn, omdat hier voor de bank eigenlijk geen risico aan kleeft. Zij hebben in hun netwerk ongetwijfeld immers ook partijen die over drie maanden een omgekeerde transactie willen doen: dus euro’s omwisselen in Zwitserse frank. De bank schuift het risico dus grotendeels door en speelt gewoon de rol van intermediair tussen twee partijen.”

Er is wel één groot risico dat hiermee niet weggewerkt is, waarschuwt de professor: het kredietrisico. “Stel dat uw klant niet betaalt over drie maanden, dan zit u met een contract waarin u Zwitserse franken moet omwisselen die u helemaal niet heeft. Daarom moet een onderneming toch wel een bredere visie op risicobeheer ontwikkelen, vind ik. Er is méér dan enkel het wisselkoersrisico.”

Wisselkoersen afdekken voor gevorderden?

Een derde manier om het wisselkoersrisico af te dekken, is via een zogenaamde optie. “Stel dat de Zwitserse frank na drie maanden niet zakt, maar stijgt. Met een termijnverrichting mist u dan een opportuniteit, want u had méér kunnen verdienen, ware het niet dat de koers al afgesproken was. U kunt dan met de bank het volgende afspreken: geef mij een contract waarbij de wisselkoers vast staat indien de Zwitserse frank stabiel blijft of daalt. Maar… als hij stijgt, moet ik daarvan kunnen profiteren en gebruiken we de reële koers. Bijkomend voordeel: dit is een optie. Stel dat uw klant niet betaalt, dan bent u niet verplicht om die omwisseling te laten doorgaan.”

De professor geeft toe dat dit soort contracten al verder gaan dan puur wisselkoersen afdekken. “Er gaat inderdaad ook al een beetje een speculatief karakter van uit”, zegt hij. “Maar het kan soms de moeite zijn. Het nadeel is natuurlijk dat het een stuk duurder zal zijn om met de bank dit soort contracten af te sluiten, puur omdat dit voor hen een groter risico meebrengt.”

Freddy Van den Spiegel

Freddy Van den Spiegel is professor Financieel Management, Global Banking en Financial Markets aan de VUB en ook verbonden aan de Vlerick Management School. Hij is tevens visiting professor aan de Warsaw University en verschillende Amerikaanse universiteiten. Tussen 2000 en 2011 was hij Chief Economist bij BNP Paribas Fortis. Hij publiceert regelmatig in Belgische, Franse en Duitse vakbladen over banken, financiële markten en asset management. Professor Van den Spiegel is getrouwd en heeft twee kinderen. 

Verzend